Nu ook zij
De volgroeide weg kiest
Is er niemand meer
Bij de jonge struik
Het bos is leeg gevreten
Door loze toekomsten
En de dag is
gesluierd
In klinkende leugens
Niemand
Speelt naast de zetel
Het enige geluid is de galg
Geraard van Heusden
Vier vierkant meter
links de foto van een bloem
rechts nieuwe gordijnen
die het licht niet beletten
alom rond
mist en ravijnen
hoofdstenen en marmer
woorden die geen taal zijn
gesprekken zonder spreken
opletten zonder luisteren
en wat verder
liggen vader en moeder
er is niets
of niemand
of beide
wie weet wie er is
Geraard van Heusden