Lang vervlogen tijden
Voorbij de koepels
Van Samarkand
Iemand fluistert
Tot de aarde beeft
Hij kan het niet helpen
De stem trilt
Tot aan de bergen
En alles
Komt krakend neer
Waarom is de stem zo krachtig
Doch fluistert niemand
Geraard van Heusden
KRAWITEL
KARPONKEL
KRAWOUSTEL
Vijf frank meer voor de dokter
Vijf frank meer voor Haantje de minister
Tien frank uit mijn zak
Ik zit
Op de hoogste tak
Van de laatste boom
In ’t Citadelpark
De mensen eten de bomen
Uit verveling
De kleur vandaag is zwart
Gisteren carmijnrook
Morgen azuurblauw
Maar de klok staat stil
Ik omvat de zoete bast
De takken schieten wortel
Mijn haar wordt groen
Sinds de energie op is
Roepen alle idioten
BROEM BROEM
Omdat hun voeten lui zijn
KRAWITEL KARPONKEL KRAWOUSTEL
Geraard van Heusden
Meermaals
Trachtte ik te leven
Zoals meerdere anderen
Gewoon
Een stap op de bus aan het Zuid
Dan ben ik op de Korenmarkt
Maar
Anderen zijn anders
Dus blijft niet anders
Dan huiswaarts te keren
Vandaag of morgen
Probeer ik opnieuw
Vandaag of morgen
Keer ik huiswaarts
En dan
Beschuldig ik mezelf
Anders te zijn
Geraard van Heusden
Schrijven is een krachtige daad
De personages
Zijn vluchtig of net niet
Sommige kleven aan papier
Anderen wandelen weg
Wie blijft ?? IK
NIET
Doch zijn er dagen
Waar een verhaal zich schuilt
Daar, achter de spiegel
Of onder de berg bladeren
Van een winderige november
Is schrijven een krachtige daad ?
Zwijgen nog meer
De tong trilt
En iedereen zwijgt
Mag ik spreken ??
Wanneer iedereen spreekt
Is er lawaai Mag
ik nog wat zeggen ?
De stem van de schrijver is een pen
Want de machine weet niet waar de letters moeten staan
Geraard van Heusden
Mag ik
Met elfen en sylfen
Wandelen
Langs kollen en Kobolden
In de achtertuin van mijn hoofd
Ik ontmoet er
Lewis Carol of Conan Doyle
En ook
De laatste leproze van Gent
Verward gekleed
In oude Brugse kant
En Parijse Boa’s
Van oud Roze
Gewapend in witte dons
De enige demonen hier
Zijn oude vrienden
Geraard van Heusden
ik ben de zwarte ganesha
de schoorstenen zijn gehandicapte vingers
ik slurf 's nachts
langs mijn eigen nachtmerries
en vrees hen uit te spreiden
ik wagel door de straten
en begroet elk die
ongeluk zoekt
en dan kruisen mijn ogen
schoonheid
opzij gezet door haar geliefde
maar mijn slurfig voorkomen
belet haar mij uit te nodigen
op een kopje vergiftigde thee
Geraard van Heusden
Neem mijn hand
mijn goede hand
aan de juiste kant
hoeveel handen heb ik dan
strelende dodende handen
speelse gewapende handen
stikkende egoïstische handen
geef mij een hand
ik spijker hem bij de collectie
aan mijn deur
toen ik je buiten liet staan
zoveel handen hebben me toen
weer binnengetrokken
als ik nu terugkijk
zie ik enkel de nagels
als wezen van mijn handen
op de grond bij
de bespijkerde deur
Geraard van Heusden
De nacht draagt
klauwen
Lang zwart
sleepschreeuwen over de vloer
Ze snijden lijnen in
de duisternis
De leegte van de
levenden
Die geen recht hebben
op mijn macht
De nacht zwijgt
Hoog en hautaine
Als een verbolgen
minnares
Die een man vindt in
mijn bed
Iemand die geen recht
heeft
Den nacht draagt
klauwen
Lang zwart slepend
over de vloer
De nacht snijdt
klauwen
In mijn bestaan
Want ik laat anderen
binnen
Tot mijn spijt moet ik
jullie dus vragen
Verlaat mijn nacht en
macht
Geraard van Heusden,
miles
Tussen rijen, in de
New South Wales bibliotheek
Ze
herschikt
tot
volgende rendez-vous,
rent
op ladders,
schuilt
in een gebonden reeks.
Waar
zij ontmoeten,
spelen
ze schaak,
waar
de portier je tassen opent
en
de shop klein is.
Deze
editie is te eenvoudig.
Nu
speelt Schubert op Youtube
in
een kamer met een modern balkon.
Nu
dansen we op de golven van
luidsprekers.
Met
haakjes op de rug
kleed
ik me uit
met
een touw om het middel.
Het
is een episch werk van
miniatuurtjes
en dieren die huilen,
het
vergt veel uithoudingsvermogen.
Hoe
kom je erbij dit met Ravel te combineren?
Zij
dansen onder een brug,
op
een kruispunt met een radiospeler en McDonalds,
zo
gaat de spanning weer liggen
Wie legt een gedicht op tafel ?
Je vraagt
“schrijf je nog ?”
Ik antwoord
“soms …”
Woorden zijn
Bevriende letters
Die van inkt houden
Een pagina is leeg
Tot de letters Seks hebben
En inkt vloeit
Je baart een woord
Dat groeit tot zin
En een volwassen boek
Of
Ontspoort tot een gedicht
Geraard van Heusden